|
Mededelingen Verenigingsondersteuning |
Handreikingen en tips voor sportbestuurders die anderen moeten overtuigen van hun gelijk
(bron: Sport Bestuur en Management april/mei 2003; Annelies Buurman)
U heeft groot gelijk, maar hoe krijgt u dat ook?
Hoe vaak komt het niet voor dat u als sportbestuurder het gevoel heeft dat uw standpunt tijdens bestuursvergaderingen het enige
juiste is? Desondanks kost het soms de grootst mogelijke moeite om uw gelijk ook werkelijk te krijgen. Hoe komt het dat uw medebestuurders of leden van de vereniging zo moeilijk van uw gelijk kunt
overtuigen? Hebt u misschien niet de juiste argumenten gebruikt? Of heeft u uw standpunt wellicht niet helder onderbouwd? In dit artikel volgen tips en adviezen voor iedere bestuurder die niet alleen
gelijk heeft, maar ook gelijk wil krijgen.
Om tijdens een vergadering uw medebestuurders van uw gelijk te overtuigen is een goede voorbereiding onontbeerlijk. Daarbij is het nuttig eens stil te staan bij een aantal factoren die kunnen bijdragen aan het succes tijdens een discussie. De volgende factoren zijn medebepalend voor het binnenhalen van uw gelijk.
De logica van uw argumenten: het is belangrijk dat uw verhaal en uw argumenten logisch zijn, of op uw luisteraars op zijn minst een logische indruk maken.
Het waarheidsgehalte van uw uitspraken: een overtuigend betoog is natuurlijk gebaseerd op uitspraken die ‘waar’zijn. Het is raadzaam om de feiten en cijfers die u wilt noemen van te voren goed te controleren en zo mogelijk ‘bewijsmateriaal’mee te nemen.
De houding van de ontvanger: een standpunt waar een luisteraar al bij voorbaat sympathiek tegenover staat, hoeft minder stevig onderbouwd te worden dan een standpunt waarmee een luisteraar grote moeite heeft. Steek dus niet teveel tijd in het overtuigen van iemand die het al met u eens is. Probeer te voorspellen wie uw opposanten zijn en hoe zij hun standpunt zullen verdedigen. Zorg dat u tegenargumenten kunt aanvoeren.
Uw eigen geloofwaardigheid: Zorg dat uw toehoorders overtuigd zijn van uw betrouwbaarheid en deskundigheid. Als u als
deskundig wordt beschouwd, is de feitelijke waarheid van uw argumenten van minder belang. Vooral als het om moeilijke onderwerpen gaat, waarover niet alle luisteraars genoeg weten, is uw imago als
deskundige cruciaal.
De presentatie van uw betoog: Een goed opgebouwd verhaal, dat op een heldere manier verwoord is en met gedrevenheid wordt gebracht, komt overtuigender over dan een chaos vol moeilijke woorden van een mompelaars. Besteed dus de nodige tijd aan de voorbereiding van uw betoog. Oefen desnoods een op een ‘proefpersoon’. Verder zou u uzelf de volgende vier vragen moeten stellen ter voorbereiding op een vergadering tijdens welke u andere bestuursleden of leden van de vereniging wilt overtuigen van uw gelijk….
Hoe zet ik een overtuigende argumentatie op?
Het uitgangspunt van een overtuigende argumentatie is het standpunt. Het standpunt is eigenlijk de opvatting of mening die u gaat verdedigen tegenover mogelijke ‘aanvallen’van uw ‘tegenstanders’. Een argument is een uitspraak die u aanvoert om uw standpunt te verdedigen. Bij argumentatie denken we al snel aan uitgebreide uiteenzettingen over een onderwerp. Maar een argumentatie kan ook heel kort zijn. Soms heeft u aan een enkel argument voldoende om een standpunt te onderbouwen.
Voorbeeld 1: het ledental van de vereniging zal sterk gaan teruglopen (=standpunt), omdat mensen in hun vrije tijd tegenwoordig liever televisie kijken of internetten (=argument).
In dit voorbeeld wordt slechts 1 argument aangevoerd om het standpunt te onderbouwen. Het is echter slimmer om meer argumenten te gebruiken. De argumentatie krijgt dan een samengestelde vorm. Zo’n samengestelde vorm argumentatie is moeilijker onderuit te halen dan een enkelvoudige, vooral als u argumenten kiest die niet in elkaars verlengde liggen.
Voorbeeld 2: het ledenaantal van verenigingen zal sterk gaan teruglopen, omdat mensen in hun vrije tijd tegenwoordig liever televisie kijken of internetten (=argument 1) en omdat de bevolking vergrijst (=argument 2)
Hoe kom ik aan goede argumenten?
Wanneer u in een rapport of tijdens een vergadering een standpunt wilt verdedigen, zult u dit zo goed mogelijk willen onderbouwen. Dat betekent dat u argumenten verzamelt en die op een logische wijze presenteert. In veel gevallen zult u die argumenten al voorhanden hebben, maar het kan ook voorkomen dat u de argumenten nog in kaart moet brengen. Hieronder drie adviezen bij het kiezen van de juiste argumenten.
a. gebruik argumenten waarvoor
u zo nodig verdere ondersteuning kunt geven
Bedenk dat uw luisteraars over een van uw argumenten zal doorvragen. Zorg voor een goede onderbouwing van uw argumenten. Als u die onderbouwing niet kunt vinden, kies dan een ander spoor. Anticipeer op de discussie waartoe uw argumenten kunnen leiden.
b. Kies argumenten die niet in
elkaars verlengde liggen
Zorg ervoor dat uw betoog op meerdere pijlers rust. Vergelijk de twee volgende argumentaties:
- Onze club moet fuseren, want we hebben nu te weinig leden, en als we gaan fuseren zijn we groter en krijgen we meer contributie binnen.
- Onze club moet fuseren, want we hebben nu te weinig leden, er zijn nu te weinig vrijwilligers die helpen en we drukken de kosten als we het zwembad en ons clubhuis efficiënter kunnen gaan gebruiken.
- Het tweede voorbeeld is overtuigender omdat de argumenten uit verschillende argumentatieve ‘velden’geplukt worden en dus minder
afhankelijk van elkaar zijn.
Is mijn argumentatie herkenbaar?
U kunt iemand pas overtuigen als die ander goed begrijpt wat uw standpunt is en welke argumenten u aanvoert. Het zal niet de eerste keer zijn dat een ellenlange
discussie achteraf volledig overbodig blijkt te zijn, omdat de twee partijen elkaars woorden verkeerd geïnterpreteerd hebben. ‘O, bedoel je dat? Zeg dat dan meteen…’. Zorg er daarom voor dat u
duidelijk aangeeft wat uw standpunt is en welke argumenten u daarvoor aanvoert. Voor het naar voren brengen van ene standpunt worden vaak vaste uitdrukkingen gebruikt:
Standpunten zijn te herkennen aan:
ü Naar mijn mening…
ü Ik vind dat…
ü Mijn conclusie is dan ook…
ü Ik ben ervan overtuigd dat…
ü Onze opvatting is…
ü Naar mjin oordeel…
ü Aanbevolen kan worden…
ü Dus, daarom, daardoor, dan ook…
Enkelvoudige argumenten zijn te herkennen aan:
ü Want…
ü Omdat…
ü Doordat…
ü Als gevolg van…
Samengestelde argumenten zijn te herkennen aan:
ü Daarbij…
ü Verder…
ü En…
ü Ook…
ü Ten eerste, ten tweede…
ü Daar komt nog bij…
Wat zeg ik eigenlijk?
Als u in een heftige discussie verwikkeld bent, loopt u het risico uitspraken te doen waar u niet goed over hebt nagedacht. Als u geluk hebt, gaat het moment voorbij en vraagt niemand u om uitleg. Maar als wel om opheldering wordt gevraagd? Een handige tactiek om snel grip te krijgen op impulsieve uitspraken (van uzelf, maar ook van een ander) is het zichtbaar maken van het zogenaamde ‘verzwegen’argument. Stel: u beweert dat het ledenaantal van uw vereniging sterk zal gaan teruglopen, omdat de bevolking vergrijst. Het verzwegen argument luidt dan: ouderen mensen blijven/worden geen lid van de vereniging. En dan maar hopen dat u het daar zelf mee eens bent…
Het behoeft geen nader betoog dat het analyseren van uw verzwegen argumenten een belangrijk onderdeel moeten uitmaken van uw voorbereiding. Verzwegen argumenten zijn
overigens ook een uitstekend wapen in de aanval. Hebt u zich wel eens gerealiseerd dat uw tegenstander zich volledig onbewust kan zijn van zijn verzwegen argumenten en dus geen goed beeld heeft van
zijn eigen argumentatie? Of dat verzwegen argumenten bewust gebruikt worden om zwakke plekken in de argumentatie aan het zicht te ontrekken? Doe er uw voordeel mee!
TIPS voor een eerlijke discussie
1. Deelnemers aan de discussie moeten persoonlijke opmerkingen (of beledigingen!) achterwege laten (dus niet: doe normaal, jij hebt nergens verstand van …).
2. Deelnemers aan de discussie mogen elkaar aanvallen op hun standpunten en argumenten (dus niet: dat is nu eenmaal zo, daar ga ik niet over in discussie….).
3. Deelnemers aan de discussie zijn gebonden aan hun uitspraken (dus niet: dat heb ik helemaal niet gezegd…).
4. Deelnemers aan de discussie moeten een eerlijke kans krijgen aan de discussie deel te nemen (dus niet: jij moet even je mond houden…).
5. Deelnemers aan de discussie moeten als de ander gelijk heeft, de ander ook gelijk geven.